Oefenen voor de doorstroomtoets werkt het best kort en regelmatig, en op de onderdelen die jouw kind lastig vindt. Op deze pagina vind je oefenvragen voor rekenen, een quiz voor taalverzorging en een oefentekst voor begrijpend lezen, allemaal met antwoorden. Onderaan staat een oefenplan van vier weken.
Waaruit bestaat de doorstroomtoets?
De verplichte onderdelen zijn lezen, taalverzorging en rekenen. Wereldoriëntatie is een optioneel onderdeel. Welke toets jouw kind maakt, bepaalt de school. Er zijn meerdere aanbieders, zoals Route 8, IEP en Dia. De vragen op deze pagina zijn zelf geschreven en geen echte toetsvragen. Ze oefenen wel de stof waar de toets over gaat. Meer over de toets zelf lees je in ons artikel over de doorstroomtoets in groep 8.
Oefenvragen rekenen
Laat jouw kind eerst zelf rekenen op papier en pas daarna de antwoorden bekijken.
- Wat is 3/4 van 48?
- Bereken 1/2 + 1/3.
- Wat is 15% van 80?
- 6 flesjes cola kosten 9 euro. Wat kosten 10 flesjes?
- Bereken 756 : 6.
- Een trein vertrekt om 14.45 uur en komt om 16.20 uur aan. Hoe lang duurt de reis?
- Bereken 3,4 + 2,75.
- Op een kaart met schaal 1 : 100.000 liggen twee dorpen 3 cm uit elkaar. Hoe ver liggen ze in het echt van elkaar?
Antwoorden: 1) 48 : 4 = 12 en 3 × 12 = 36. 2) 3/6 + 2/6 = 5/6. 3) 10% is 8 en 5% is 4, dus 12. 4) 9 : 6 = 1,50 per flesje, dus 10 × 1,50 = 15 euro. 5) 126. 6) 1 uur en 35 minuten. 7) 6,15. 8) 1 cm is 100.000 cm = 1 km, dus 3 km.
Bij een fout antwoord helpen deze uitlegpagina's: breuken optellen, procenten berekenen, de verhoudingstabel en de staartdeling. Zit de fout bij de tafels? Oefen dan eerst tafels leren en oefenen.
Oefen direct: taalverzorging
Taalverzorging gaat vooral over spelling. Kies hieronder een onderwerp en oefen met vragen op het niveau van groep 7 en 8.
Kies wat je wilt oefenen
Oefentekst begrijpend lezen
Lees de tekst en beantwoord de vragen. Kijk daarna bij de antwoorden.
Bijen leven in een groot gezin. In de zomer wonen er soms wel vijftigduizend bijen in één kast. Maar er is maar één koningin. Zij legt de eitjes. De werkbijen zorgen voor de rest: ze halen nectar en stuifmeel uit bloemen, bouwen de raten en verdedigen de kast. De jongste werkbijen blijven binnen om de larven te voeren. Pas later vliegen ze uit. Van de nectar maken de bijen honing. Dat is hun voorraad voor de winter. In de winter verlaten de bijen de kast bijna niet. Ze zitten dicht bij elkaar in een kluitje om warm te blijven.
- Hoeveel koninginnen leven er in een bijenkast?
- Wie legt de eitjes?
- Wat doen de jongste werkbijen?
- Waarom zitten de bijen in de winter in een kluitje?
- Waarvoor maken de bijen honing?
Antwoorden: 1) Eén. 2) De koningin. 3) Ze blijven in de kast en voeren de larven. 4) Om warm te blijven. 5) Als voorraad voor de winter.
Meer oefenteksten en tips vind je in begrijpend lezen oefenen.
Oefenplan van vier weken
| Week | Onderwerp | Tijd |
|---|---|---|
| Week 1 | Rekenen: tafels, delen en optellen en aftrekken met kommagetallen | 3 keer 15 minuten |
| Week 2 | Rekenen: breuken en verhoudingen | 3 keer 15 minuten |
| Week 3 | Taalverzorging: werkwoordspelling en hoofdletters | 3 keer 15 minuten |
| Week 4 | Begrijpend lezen en een korte herhaling van de fouten | 3 keer 15 minuten |
Dit plan is een voorbeeld. Pas het aan op wat jouw kind lastig vindt. Gebruik de knop "Oefen alleen de fouten" in de quiz om vaker terug te komen op wat nog niet lukt. Korte sessies werken beter dan één lange.
Oefenmateriaal van de school
Vraag de leerkracht welke doorstroomtoets de school gebruikt. De aanbieders van de toetsen hebben zelf oefenmateriaal, zodat jouw kind de vorm van de vragen en het scherm leert kennen. Gebruik dat materiaal naast de oefeningen hierboven.
Tips voor thuis
- Blijf rustig. De toets is geen examen en je kunt er niet voor zakken.
- Begin tijdig, maar niet te vroeg. Een paar weken kort oefenen is genoeg.
- Zorg voor een goede nachtrust en een ontbijt op de dag van de toets.
- Bespreek de uitslag met de leerkracht. Meer over wat de uitslag betekent lees je in ons artikel over het schooladvies.
Hoe Citotraining hierbij kan helpen
Wil jouw kind extra oefenen voor de doorstroomtoets? Bij Citotraining of bijles basisschool aan huis werkt een vaste docent met oefeningen op het niveau van jouw kind, zonder de druk van een toets.
Veelgestelde vragen
Hoe kan ik oefenen voor de doorstroomtoets?
Oefen kort en regelmatig, bijvoorbeeld drie keer per week 15 minuten. Werk aan rekenen, taalverzorging en begrijpend lezen, en besteed extra tijd aan de onderdelen die je kind lastig vindt.
Welke onderdelen zitten in de doorstroomtoets?
De verplichte onderdelen zijn lezen, taalverzorging en rekenen. Wereldoriëntatie is optioneel. Vraag op school welke onderdelen jouw kind maakt.
Zijn de vragen op deze pagina echte toetsvragen?
Nee. Ze zijn zelf geschreven en oefenen dezelfde soort stof. Voor de vorm van de echte toets gebruik je het oefenmateriaal van de aanbieder die de school kiest.
Hoe lang moet ik oefenen voor de doorstroomtoets?
Vier weken met drie keer 15 minuten per week is voor de meeste kinderen genoeg. Kinderen die veel moeite hebben met een onderdeel hebben meer aan een langer traject in kleine stappen.
Kan mijn kind zakken voor de doorstroomtoets?
Nee. De toets is geen examen. Hij geeft een advies over het niveau, dat de school meeweegt in het schooladvies.
