In samenwerking met Abacus Bijlesinstituut VijfheerenlandenAbacus Bijlesinstituut Vijfheerenlanden
Geschiedenis

De Tweede Wereldoorlog

De Tweede Wereldoorlog is een van de belangrijkste onderwerpen bij geschiedenis. Er zijn veel jaartallen en gebeurtenissen, maar met een vaste indeling in oorzaken, verloop en gevolgen wordt het overzichtelijk. Hieronder staat een samenvatting die je kunt gebruiken bij het leren voor een toets.

Waarom brak de oorlog uit?

  • Het Verdrag van Versailles (1919) na de Eerste Wereldoorlog werd in Duitsland als een vernedering gezien.
  • De economische crisis van de jaren dertig maakte veel mensen werkloos en boos.
  • De opkomst van het nazisme. Hitler kwam in 1933 aan de macht en wilde Duitsland uitbreiden.
  • Het appeasementbeleid. Andere landen gaven Hitler eerst zijn zin, onder meer bij Oostenrijk en Tsjechoslowakije, om oorlog te voorkomen.

De belangrijkste gebeurtenissen op een rij

  • 1 september 1939: Duitsland valt Polen binnen. Twee dagen later verklaren Engeland en Frankrijk Duitsland de oorlog.
  • 10 mei 1940: Duitsland valt Nederland aan. Na het bombardement op Rotterdam (14 mei) capituleert Nederland op 15 mei.
  • 22 juni 1941: Duitsland valt de Sovjet-Unie binnen (Operatie Barbarossa).
  • 7 december 1941: Japan valt Pearl Harbor aan en de Verenigde Staten doen mee aan de oorlog.
  • 6 juni 1944: D-Day, de geallieerde landing in Normandië.
  • 8 mei 1945: Duitsland capituleert.
  • Augustus 1945: na de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki geeft ook Japan zich over.

De twee kampen

De Geallieerden waren onder meer Engeland, de Verenigde Staten, de Sovjet-Unie en Frankrijk. De Asmogendheden waren Duitsland, Italië en Japan.

De oorlog in Nederland

  • De bezetting duurde van mei 1940 tot mei 1945.
  • De Februaristaking (1941) was een protest tegen de vervolging van Joodse Nederlanders.
  • Vervolging en de Holocaust: Joodse Nederlanders werden opgepakt en weggevoerd. Wereldwijd werden zes miljoen Joden vermoord.
  • Verzet en onderduik: mensen hielpen onderduikers, verspreidden illegale kranten of pleegden sabotage. Anne Frank is een bekend voorbeeld van een onderduiker.
  • De Hongerwinter (1944-1945): in het westen van het land was er in de winter groot voedseltekort.
  • De bevrijding: het zuiden werd in de herfst van 1944 bevrijd, de rest van Nederland in mei 1945. Op 5 mei vieren we de Bevrijdingsdag.

De gevolgen

Na de oorlog richtten de winnaars de Verenigde Naties op om nieuwe oorlogen te voorkomen. Europa lag in puin en werd deels in een westelijk en een oostelijk blok verdeeld. Dat legde de basis voor de Koude Oorlog. Ook kwamen er nieuwe afspraken over mensenrechten.

Zo leer je het

  • Teken een tijdlijn met de zeven hoofdgebeurtenissen en schrijf bij elk jaartal één zin.
  • Leer de oorzaken als een verhaal: Versailles, crisis, Hitler, appeasement.
  • Onderscheid altijd wereldwijd en Nederland. Toetsvragen vragen vaak naar het verschil.
  • Kijk bij begrippen zoals capitulatie, bezetting, verzet en collaboratie wat ze precies betekenen.

Oefenvragen met antwoorden

  1. Welke gebeurtenis wordt gezien als het begin van de Tweede Wereldoorlog?
  2. Wanneer capituleerde Nederland?
  3. Wat was D-Day?

Antwoorden: 1) de Duitse inval in Polen op 1 september 1939. 2) op 15 mei 1940, na het bombardement op Rotterdam. 3) de geallieerde landing in Normandië op 6 juni 1944.

Begrippen die je moet kennen

  • Bezetting: een land wordt door een ander land bestuurd.
  • Capitulatie: je geeft je over.
  • Verzet: mensen die zich tegen de bezetter verzetten.
  • Collaboratie: samenwerken met de bezetter.
  • Holocaust: de systematische vervolging en moord op Joden door de nazi's.
  • Geallieerden en Asmogendheden: de twee kampen in de oorlog.

Zo werk je met bronnen

Bij bronnenvragen let je op wie de bron heeft gemaakt, wanneer, en met welk doel. Een dagboek, een propagandaposter en een krantenartikel vertellen elk een ander deel van het verhaal. Zeg bij een antwoord altijd of de bron betrouwbaar is en waarom.

Hoe bijles geschiedenis hierbij kan helpen

Bij bijles geschiedenis aan huis oefent een vaste docent met tijdlijnen, oorzaak-en-gevolgvragen en bronnen, zodat jouw kind de Tweede Wereldoorlog niet alleen kent, maar ook kan uitleggen.

Veelgestelde vragen

Tot welk tijdvak hoort de Tweede Wereldoorlog?
Tot tijdvak 9, de tijd van de wereldoorlogen (1900 tot 1950).

Wat is het verschil tussen bezetting en bevrijding?
Bij een bezetting heeft een ander land de macht in jouw land. Bij de bevrijding wordt die macht beëindigd, in Nederland in de herfst van 1944 in het zuiden en in mei 1945 in de rest van het land.

Waarom is Rotterdam gebombardeerd?
Op 14 mei 1940 bombardeerde de Duitse luchtmacht de binnenstad van Rotterdam. Daarna capituleerde Nederland, omdat de Duitsers dreigden ook andere steden te bombarderen.

Loopt jouw kind vast bij geschiedenis?

In een vrijblijvende kennismaking bespreken we welke onderdelen van geschiedenis extra aandacht nodig hebben.

Plan gratis kennismaking