De Koude Oorlog was een periode waarin twee supermachten elkaar decennialang bedreigden, zonder dat ze direct met elkaar in oorlog raakten. Voor een toets kun je de stof goed indelen in oorzaken, belangrijke gebeurtenissen en het einde.
Wat was de Koude Oorlog?
De Koude Oorlog was een spanning tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie na de Tweede Wereldoorlog, van ongeveer 1945 tot 1991. Het was "koud" omdat de twee landen nooit rechtstreeks tegen elkaar vochten. Ze steunden wel tegenstanders in andere landen en bouwden enorme wapenvoorraden op.
Twee blokken, twee ideologieën
- Het westelijke blok onder leiding van de Verenigde Staten koos voor kapitalisme en democratie.
- Het oostelijke blok onder leiding van de Sovjet-Unie koos voor communisme, met één partij aan de macht.
Europa werd in tweeën gedeeld door wat Churchill in 1946 het IJzeren Gordijn noemde.
Belangrijke gebeurtenissen
- 1947-1948: de Truman-doctrine en het Marshallplan. De Verenigde Staten steunen West-Europa.
- 1948-1949: de Berlijnse blokkade. De Sovjet-Unie sluit West-Berlijn af, de Geallieerden zetten een luchtbrug op.
- 1949: oprichting van de NAVO, het westelijke militaire bondgenootschap.
- 1950-1953: de Koreaoorlog.
- 1955: oprichting van het Warschaupact, het oostelijke bondgenootschap.
- 1961: de bouw van de Berlijnse Muur.
- 1962: de Cubacrisis, waarbij de wereld dicht bij een atoomoorlog kwam.
De wapenwedloop
Beide supermachten bouwden steeds meer kernwapens. Ze hadden zoveel dat ze elkaar meerdere keren konden vernietigen. Die dreiging heette afschrikking: niemand durfde als eerste aan te vallen, omdat de ander zou terugslaan.
Het einde van de Koude Oorlog
In de jaren tachtig kwam Gorbatsjov aan de macht in de Sovjet-Unie. Zijn hervormingen, glasnost (openheid) en perestrojka (herstructurering), zorgden voor meer vrijheid. Op 9 november 1989 viel de Berlijnse Muur. In december 1991 hield de Sovjet-Unie op te bestaan, en daarmee de Koude Oorlog.
Zo leer je de Koude Oorlog
- Leer eerst de twee blokken en hun ideologieën, en daarna de gebeurtenissen als een verhaal.
- Maak een tijdlijn met vijf ankerpunten: 1947, 1949, 1961, 1962 en 1989.
- Onderscheid oorzaak, verloop en gevolgen. Toetsvragen volgen vaak die indeling.
Oefenvragen met antwoorden
- Welke twee landen stonden tegenover elkaar in de Koude Oorlog?
- Wat was het IJzeren Gordijn?
- Wanneer viel de Berlijnse Muur?
Antwoorden: 1) de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie. 2) de grens die Europa in een westelijk en een oostelijk deel verdeelde. 3) op 9 november 1989.
Begrippen die je moet kennen
- Supermacht: een land met enorme militaire en economische macht.
- Ideologie: een stelsel van ideeën over hoe een samenleving moet werken.
- Afschrikking: dreigen met vergelding om een aanval te voorkomen.
- Wapenwedloop: beide kampen bouwen steeds meer wapens.
- Détente: een periode van ontspanning tussen Oost en West.
Waarom viel de Sovjet-Unie uit elkaar?
Er waren economische problemen, hervormingen die meer vrijheid brachten, en protesten in Oost-Europa. Toen de Sovjet-Unie geen militair ingreep meer wilde, vielen de communistische regimes in Oost-Europa één voor één. Een goed antwoord noemt meerdere oorzaken en legt uit hoe ze samenhangen.
Hoe bijles geschiedenis hierbij kan helpen
Bij bijles geschiedenis aan huis oefent een vaste docent met oorzaak-en-gevolgvragen en bronnen, zodat jouw kind de Koude Oorlog in eigen woorden kan uitleggen.
Veelgestelde vragen
Tot welk tijdvak hoort de Koude Oorlog?
Tot tijdvak 10, de tijd van televisie en computer (1950 tot nu). De Koude Oorlog begon net voor dat tijdvak.
Waarom heet het "koud"?
Omdat de twee supermachten nooit rechtstreeks tegen elkaar vochten. Er was wel spanning, dreiging en strijd via andere landen.
Wat is het verschil tussen NAVO en Warschaupact?
De NAVO (1949) was het militaire bondgenootschap van het westelijke blok, het Warschaupact (1955) dat van het oostelijke blok.
