Een drogreden is een redenering die overtuigend klinkt, maar niet klopt. Bij Nederlands leer je twaalf drogredenen herkennen in betogen, reclames en discussies. Hieronder staan ze allemaal, met de Nederlandse naam, de bekende (Latijnse) naam en een voorbeeld.
Wat is een drogreden?
Een drogreden is een argument dat een standpunt niet echt ondersteunt, hoewel het op het eerste gezicht wel zo lijkt. Het klinkt logisch, maar de redenering zit fout. Wie drogredenen kent, laat zich minder makkelijk overtuigen door een slecht argument. Bij Nederlands op havo en vwo komen ze terug in vragen over argumentatieve teksten.
De 12 drogredenen in een oogopslag
- Persoonlijke aanval (ad hominem)
- Vertekenen van het standpunt (stroman)
- Cirkelredenering
- Overhaaste generalisatie
- Overdrijven van voor- of nadelen (hellend vlak)
- Vals dilemma
- Onjuist beroep op een autoriteit
- Bespelen van het publiek (o.a. populariteitsargument)
- Onjuiste oorzaak-gevolgrelatie
- Ontduiken van de bewijslast
- Verkeerde vergelijking
- Onjuist beroep op een kenmerk
1. Persoonlijke aanval (ad hominem)
Je valt de persoon aan in plaats van zijn argument. Wat Sara over pesten zegt, hoef je niet te geloven, want ze is zelf niet populair. Of Sara gelijk heeft, hangt af van haar argument, niet van haar populariteit.
Er zijn meerdere varianten:
- Rechtstreekse aanval: je noemt iemand onbetrouwbaar, oneerlijk of onervaren.
- Aanval via motieven: je beweert dat iemand belang heeft bij de uitkomst, dus zijn argumenten tellen niet.
- Aanval via associatie: je koppelt iemand aan een derde met een slechte reputatie.
- Tu quoque (jij-bak): Jij doet het zelf ook. Wat iemand zelf doet, verandert niets aan of zijn argument klopt.
2. Vertekenen van het standpunt (stroman)
Je verdraait of overdrijft het standpunt van de ander en valt vervolgens die verdraaide versie aan. Iemand zegt: We moeten op vrijdag minder huiswerk opgeven. Het antwoord: Dus jij vindt dat leerlingen nooit meer iets hoeven te leren? Dat heeft de eerste spreker niet gezegd.
3. Cirkelredenering
Je gebruikt het standpunt zelf als argument. Deze film is geweldig, omdat hij zo goed is. Het argument zegt hetzelfde als het standpunt, dus je bent geen stap verder.
4. Overhaaste generalisatie
Je trekt een algemene conclusie uit te weinig voorbeelden. Twee jongens uit klas 2 kwamen te laat, dus alle jongens uit klas 2 komen te laat. Twee voorbeelden zijn niet genoeg om over een hele groep te oordelen.
5. Overdrijven van voor- of nadelen (hellend vlak)
Je beweert dat één stap onvermijdelijk tot een reeks steeds ergere gevolgen leidt, zonder dat te bewijzen. Als we telefoons in de pauze toestaan, zitten leerlingen straks ook in de les op hun telefoon en haalt niemand nog een diploma.
6. Vals dilemma
Je doet alsof er maar twee opties zijn, terwijl er meer zijn. Of je gaat mee naar de bioscoop, of je geeft niets om vriendschap. Er zijn natuurlijk meer redenen om een keer niet mee te gaan.
7. Onjuist beroep op een autoriteit
Je beroept je op iemand die geen deskundige is op dat gebied. Een bekende zanger zegt dat dit medicijn werkt, dus het werkt. Een zanger is geen arts. Let op: verwijzen naar een echte deskundige is geen drogreden.
8. Bespelen van het publiek
Je speelt in op gevoelens of op wat de meerderheid vindt, in plaats van te bewijzen dat je standpunt klopt. Een bekend voorbeeld is het populariteitsargument (argumentum ad populum): Iedereen eet vlees, dus het is niet erg. Dat veel mensen iets doen, zegt niets over of het goed is.
9. Onjuiste oorzaak-gevolgrelatie
Je denkt dat iets de oorzaak is omdat het eerder gebeurde. Ik droeg mijn geluksokken en haalde een 8, dus die sokken brachten geluk. Twee dingen die na elkaar gebeuren, hebben niet altijd met elkaar te maken.
10. Ontduiken van de bewijslast
Wie iets beweert, moet het ook onderbouwen. Je ontduikt de bewijslast als je de ander opdraagt het tegendeel te bewijzen. Bewijs maar dat spoken niet bestaan. Dat is geen argument voor het bestaan van spoken.
11. Verkeerde vergelijking
Je vergelijkt twee dingen die op één punt lijken, maar op belangrijke punten verschillen. Skateboarden is net als autorijden, want allebei gaat over snelheid. Dus voor skateboarden heb je ook een rijbewijs nodig.
12. Onjuist beroep op een kenmerk
Je noemt een kenmerk alsof dat het standpunt bewijst, terwijl het geen goede reden is. Dit product is natuurlijk, dus het is gezond. Natuurlijk betekent niet automatisch gezond.
Wanneer is het géén drogreden?
- Een beroep op een deskundige is geen drogreden als die persoon echt verstand heeft van het onderwerp.
- Een generalisatie is niet fout als ze op veel goede voorbeelden of degelijk onderzoek is gebaseerd.
- Kritiek op een persoon is niet altijd een drogreden. In een rechtszaak kan de betrouwbaarheid van een getuige juist ter zake doen.
Op examens word je vaak gevraagd om te beredeneren of iets een drogreden is of juist een goed argument. Kijk daarom altijd naar de context.
Zo herken je een drogreden
- Benoem het standpunt en het argument.
- Vraag jezelf af: ondersteunt dit argument het standpunt echt? Klopt het, en is er bewijs?
- Kijk naar het patroon: wordt de persoon aangevallen, het standpunt verdraaid, staat er te weinig bewijs, zijn er maar twee opties?
- Noem de drogreden en leg in een zin uit waarom het argument niet klopt.
Oefenvragen met antwoorden
- Je mag Thomas niet geloven over milieu, want hij is pas zeventien.
- Vlees is lekker, want iedereen eet het.
- De leraar wil meer huiswerk, dus hij wil dat we nooit meer vrij zijn.
- Skateboarden is net als autorijden, dus je hebt een rijbewijs nodig.
Antwoorden: 1) persoonlijke aanval (ad hominem). 2) bespelen van het publiek (populariteitsargument). 3) vertekenen van het standpunt (stroman). 4) verkeerde vergelijking.
Drogredenen in reclame en social media
Drogredenen zie je overal. Reclame speelt vaak in op het publiek, zoals negen van de tien mensen kiezen dit merk. Op social media komen persoonlijke aanvallen en stromannen veel voor. Wie ze herkent, laat zich minder snel overtuigen.
Zo beantwoord je een examenvraag
Noem eerst de drogreden en leg daarna in één zin uit waarom het argument niet klopt. Haal daarbij woorden uit de tekst aan, zodat duidelijk is welk deel je bedoelt. Bij een vraag als "is dit een drogreden?" kijk je ook of het argument in deze context toch geldig kan zijn.
Hoe bijles Nederlands hierbij kan helpen
Drogredenen leer je het best herkennen door veel voorbeelden te ontleden. Bij bijles Nederlands aan huis oefent een vaste docent met argumentatieve teksten op het niveau van jouw kind, tot het herkennen en benoemen vanzelf gaat.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een drogreden en een tegenargument?
Een tegenargument is een geldige reden tegen een standpunt. Een drogreden is een argument dat niet klopt, ook al lijkt het overtuigend.
Welke drogredenen komen het vaakst voor op examens?
Vaak terugkerende drogredenen zijn ad hominem, cirkelredenering, overhaaste generalisatie en stroman. Ken die vier goed.
Waarom hebben drogredenen Nederlandse en Latijnse namen?
De Latijnse namen, zoals ad hominem en ad populum, zijn oud en komen veel voor in boeken en op websites. Op school gebruik je vaak de Nederlandse namen. Het is handig om beide te kennen.
